Vereniging Bewegwijzering Nederland



homepage VBN profiel achtergrond informatie ledenlijst inschrijfformulier links contact

 

Edo Smitshuijzen
Partner BRS, respectievelijk BRS Premsela Vonk 1976-1994
Initiatiefnemer Vereniging Bewegwijzering Nederland


Professionele aandacht voor de bewegwijzering in de gebouwde omgeving is van redelijk recente datum. Een gevolg is, dat de aanpak van de bewegwijzering van project tot project sterk verschilt. Soms wordt zij op een gestructureerde wijze in het bouwproces geïntegreerd, maar (te) vaak wordt de bewegwijzering ter elfder ure nog even geregeld. De tijd is rijp voor een meer evenwichtige omschrijving door opdrachtgever en bewegwijzeringsspecialist van de inhoud van een gemiddeld bewegwijzeringsproject. Door het vastleggen van een standaardbewegwijzeringsprogramma met daaraan gekoppelde werkprocedures ontstaan afgestemde verwachtingen. Er is tevens een hulpmiddel gecreëerd waarmee per project wijzigingen en zwaartepunten kunnen worden aangegeven.

Doelstellingen en begripsdefinitie
Een bewegwijzeringsproject dient alle activiteiten te omvatten die noodzakelijk zijn om het doel en de plek van de (bouwkundige) voorzieningen in het gebouw aan iedere gebruiker duidelijk te maken; op zichzelf en in samenhang met de specifieke functies van de organisatie die het gebouw onderdak biedt. Het doel is om allen optimaal en efficiënt gebruik te laten maken van de organisatie en de bouwkundige voorzieningen. De bewegwijzering richt zich dus zowel op het gebouw - het bouwwerk met diverse functies - als op de bewoner van het gebouw - een organisatie met diverse aspecten. Deze definitie is toegesneden op een gebouw, maar uiteraard kan dit begrip vervangen worden door elke andere publieke of private ruimte. Essentieel in de doelstelling van een bewegwijzeringsproject is het tot stand brengen van een optimale informatie-overdracht.


Verschillende soorten informatie

Er is een aantal functionele deelgebieden waarop de informatie-overdracht zich voornamelijk concentreert:
  • Oriëntatiefunctie
    Hieronder wordt de snelheid en eenvoud verstaan waarmee de ruimtelijke structuur van het gebouw begrepen en onthouden wordt. De structuur van een gebouw begrijpen, wil zeggen dat men op elke plek in het gebouw voldoende aanknopingspunten vindt om de ligging van de overige bouwdelen te kunnen begrijpen.
  • Identificatiefunctie
    Duidelijkheid over de plaats en functie van de diverse bouwkundige voorzieningen, zoals toegangen, ruimten, liften, corridors, (nood)trappenhuizen en vluchtwegen.


  • Verwijzingsfunctie
    De eenvoud en volledigheid van de organisatorische verwijzingen: wie of wat (welke afdeling, welke voorziening) bevindt zich waar en hoe kom ik er? Dit is de basisbewegwijzering van het gebouw; zij bedient zich voor het merendeel van tekstuele verwijzingen.


  • Bedieningsfunctie
    Een laatste en steeds belangrijker bron van 'informatie-behoefte' is de instructie. Bedieningsinstructies bij apparaten, instructies omtrent de interne organisatie en instructie die de veiligheid van de bewoners en de bezoekers dienen (bijvoorbeeld vluchtweginstructies, alarmnummers en instructies voor de zelfbescherming van een bedrijf). De noodzaak van instructies mag niet worden onderschat. Soms heeft zelfs een simpele deur een bedieningsinstructie nodig. De noodzaak hiervan blijkt meestal pas tijdens het gebruik. Veel onnodig gesjor en getrek wordt opgelost door simpel op de juiste plaats 'duwen' en 'trekken' aan te brengen.

Het werkplan

Alle noodzakelijke activiteiten worden beschreven in een werkplan: het bewegwijzeringsprogramma. Hierin wordt een overzicht gegeven van de stadia die het gehele bewegwijzeringsproject zal doorlopen, wat de omvang ervan zal zijn en welke eisen aan het resultaat gesteld mogen worden.

Fasering in de bewegwijzeringsopdracht

De fasering bij het opstellen en het uitvoeren van een bewegwijzeringsopdracht loopt voor een belangrijk deel parallel aan de stadia die in de bouw voorkomen. Het is wenselijk dat de adviseur van de bewegwijzering, ten tijde van het gereedkomen van het voorlopig ontwerp bij nieuwbouw of verbouw, opdracht krijgt om een programma van eisen op te stellen. Op die manier kunnen de consequenties van de bewegwijzering worden vastgelegd voor het gereedkomen van het definitief architectonisch ontwerp. Er kunnen dan desgewenst nog aanpassingen in de architectuur plaatsvinden. Vervolgens ontstaat er een 'gat' in de werkzaamheden van de bewegwijzeringsadviseur. Tijdens de fase van het gereedmaken van het bestek en de aanbesteding en tijdens de eerste bouwfasen van het bouwkundig deel van het gebouw is diens betrokkenheid niet noodzakelijk. Tijdens de fase van de eerste inrichting dient de bewegwijzeringsadviseur opdracht te krijgen tot het maken van een voorlopig ontwerp op basis van het programma van eisen. Opdrachtverlening vindt bij voorkeur plaats na het gereedkomen van het voorlopig ontwerp van de eerste inrichting. Hierna loopt de uitvoering c.q. opdrachtverlening ten behoeve van de bewegwijzering gelijk aan die van de eerste inrichting.

Bewegwijzeringsprogramma

Een volledig bewegwijzeringsprogramma omvat een fors aantal onderdelen. Ten eerste een beschrijving van het project. Vervolgens wordt het programma van eisen opgesteld; dit omschrijft de specifieke functionele eisen die aan de bewegwijzering worden gesteld. De werkzaamheden die daarop volgen, hebben twee zwaartepunten: het ontwerp en de vormgeving. Het ontwerp betreft de bewegwijzering in inhoudelijk zin. Het omvat alle activiteiten die noodzakelijk zijn om aan de verschillende soorten informatiebehoeften te voldoen. De uitwerking vindt plaats op verschillende documenten: een verkeersstromenplan, een ruimtenummerings- of coderingsplan, een routekeuzeplekkenplan met bijbehorende tekstbladen en een overzicht van de verschillende soorten bewegwijzeringsmiddelen. De vormgeving bepaalt vervolgens de verschijningsvorm van de tekst, de overige beeldmiddelen en van de beelddragers. Er wordt hierbij aansluiting gezocht bij het architectonisch ontwerp en een eventueel aanwezige huisstijl. De vormgeving van de tekst en de beeldmiddelen omvat letterkeuze (of letterontwerp), schrijfwijze, lay-out, lettergrootten, illustraties, symbolen en pictogrammen. De vormgeving van de beelddragers kent twee stadia: eerst het vastleggen van de basisvormgeving (maatsysteem, kleur- en materiaalgebruik) en vervolgens de uitwerking hiervan voor alle bewegwijzeringsmiddelen. In veel gevallen wordt het beeldmateriaal niet direct op de bestaande ondergrond aangebracht, maar eerst op een vaste beelddrager. Aan deze 'bordjes' worden vaak eisen gesteld ten aanzien van verwisselbaarheid, molestbestendigheid en de toepasbaarheid van uiteenlopende wijzen van montage. Aan de hand van deze eisen kan een min of meer ingewikkeld beelddragerssysteem (bebordingssysteem) worden ontwikkeld. De vormgeving kan ook beperkt blijven tot de keuze voor een systeem van beelddragers dat in de handel verkrijgbaar is. Hierop kunnen aanpassingen en varianten worden bedacht. De keuze voor een bestaand handelssysteem of voor maatwerk is afhankelijk van de specifieke eisen en de omvang van het project. Ook het temperament van de ontwerper of de opdrachtgever kan een belangrijke rol spelen. Het verschil in tijdsbesteding en kosten tussen deze beide benaderingswijzen is uiteraard zeer groot. Na de ontwerpfase zijn het maken van het bestek, de aanbesteding en de directievoering de laatste werkstadia. Daarmee is het werkplan voor de bewegwijzering echter nog niet afgerond. Want in tegenstelling tot het gebouw, is de bewegwijzering na oplevering nog niet voltooid. Dat is bewegwijzering nooit, omdat er een samenhang bestaat met de organisatie van de bewoners van het gebouw, en die is ook steeds in beweging. Om te voorkomen dat de bewegwijzering langzamerhand wordt overwoekerd door slordige wijzigingen, dient een eenvoudig hanteerbaar systeem voor mutaties en nabestellingen te worden opgezet.

VBN | Distellaar 18 | 5467 BN Veghel | tel: 0413-319303
mailto:Secra.Office@wxs.nl